Toen ik het tijdschrift Flow voor de eerste maal opensloeg, liet ik mijn ogen meteen vallen op bovengenoemde titel van het eerste artikel. Wankelmoed. Durven twijfelen. De moed hebben om te laten zien dat je het niet weet. Durven vragen naar het waarom van de dingen des levens. Wankelmoed, letterlijk de moed hebben om te wankelen. 'T is een mooi woord, met een al even mooie betekenis. En ik voelde mij er meteen door aangesproken.
Ik heb het voorbije jaar immers heel wat 'ge-wankelmoed'. Eerst gestreden, niet afgegeven, maar dan toch moeten toegeven aan vrienden, familie, collega's dat het niet goed met me ging. Ik heb de moed gehad om mij niet steeds weer sterker voor te doen dan ik was. Ik heb diagnoses en behandelingen in twijfel getrokken. Sommige goeie raad gevolgd, andere naast mij neergelegd. Behandelingen voortgezet, andere vroegtijdig stopgezet. Dit alles met maar één doel voor ogen, uit het dal kruipen en er opnieuw iets van maken. Het dal waarin ik terechtkwam na het nemen van Lariam.
En als ik terugkijk op het voorbije jaar, heb ik al een hele weg afgelegd. Al stel ik me soms nog de vraag: 'waarom?'. Al word ik soms overmand door een immens gevoel van oneerlijkheid. Al zou ik soms willen schreeuwen, schelden, roepen en tieren, de ziel uit m'n vermoeide lijf. Ik probeer vooral, met vallen en opstaan, te aanvaarden dat ik momenteel niet voluit kan leven en beleven. Ik probeer te beseffen dat het eigenlijk nog veel erger kan. Ik raap bij deze al mijn wankelmoed bijeen om jullie te vertellen dat ik nog steeds timmer aan de weg terug. Ik vecht nog steeds tegen de demonen in mijn lijf. Ik sta nog lang niet waar ik wil staan. Rust primeert nog steeds op werk, sport en plezier. Maar ook hier helt de balans stilaan weer over naar de aangename kant van 't leven. Dat ik dit gevecht zal winnen, staat als een paal boven water.
Het is overigens niet allemaal kommer en kwel. De positieve kanten zal ik mijn leven lang met me meedragen. Vooreerst heeft deze k*tperiode me een stuk dichter bij mezelf gebracht. Ik weet beter dan ooit tevoren wie ik ben en wat ik (niet) wil met mijn leven. We gaan op reis en ik kijk er zó ongelooflijk hard naar uit. Daarnaast heb ik enorm veel vriendschap, liefde en begrip mogen ervaren, soms zelfs uit onverwachte hoek. Voor zij die het niet begrepen, zelfs daar heb ik alle begrip voor. En last but not least, ik heb een schat van een vent, die dag in dag uit dit gevecht samen met mij voert, en die ik mijn leven lang niet meer zal loslaten.
Ik wens niemand toe wat ik doormaak (al is ook dit te relativeren), maar ik wens jullie allemaal eens te meer een beetje wankelmoed, al was het maar om eens stil te staan bij de simpele dingen van het leven.
Anneke
Zo mooi verwoord! Wij leven mee met jullie avonturen en hoop dat de komende periode, voor jullie, in één woord 'zalig' mag zijn. Vrij van alle ballast!
BeantwoordenVerwijderenLien
Ik zal een volger zijn
BeantwoordenVerwijderen